In vogelvlucht
- Van de 2,16 miljoen euro gaat slechts 1 miljoen echt naar nieuwe opvangplekken.
- Het grootste deel van het rijksgeld verdwijnt in overlegtafels en coördinatie in plaats van bedden.
- Met ruim 2.300 extra plekken nodig in twee jaar lijkt iedere euro aan overleg wel erg duur.
Miljoenen om stoelen te schuiven
De provincie Noord-Holland krijgt van het Rijk 2,16 miljoen euro voor asielopvang. Dat geld gaat niet naar alleen naar bedden of gebouwen, maar ook naar bestuurlijke coördinatie en ondersteuning.
Gemeenten moeten met dat geld nieuwe opvanglocaties zien te vinden. De provincie presenteert het als steun om “gemeenten niet alleen te laten staan”, zegt de provincie Noord-Holland.
Meer opvangplekken bij dezelfde gemeenten
Op 1 januari boden Noord-Hollandse gemeenten ruim 12.500 asielopvangplekken. Daarvan waren ongeveer 750 plekken voor alleenreizende minderjarige asielzoekers.
Volgens een nieuwe capaciteitsraming van de minister moet dat aantal omhoog naar 14.905 plekken per 1 juli 2027. Daarvan zijn dan 947 plekken bedoeld voor alleenreizende minderjarige asielzoekers.
Subsidiepot voor nieuwe opvang
Van de 2,16 miljoen euro reserveert de provincie 1 miljoen euro voor een subsidieregeling. Gemeenten kunnen daarmee financiële steun krijgen bij het realiseren van nieuwe opvangvoorzieningen.
De regeling heet Uitvoeringsregeling subsidie realisatie asielopvang Noord-Holland 2026. Noord-Hollandse gemeenten kunnen hier een beroep op doen tussen 19 maart 2026 en 30 september 2026.
Geld voor overlegtafels
Naast de subsidie aan gemeenten gaat er ook geld naar overlegstructuren. Voor de ondersteuning van vijf regionale regietafels trekt de provincie 950.000 euro uit, zo blijkt uit de berichtgeving in Provincie steunt gemeenten met 2,16 miljoen euro voor asielopvang.
Die regietafels moeten helpen bij afstemming tussen gemeenten, provincie en andere partijen. Zo wordt een groot deel van het geld ingezet om vooral veel met elkaar te praten.
