In vogelvlucht
- Buurtplannen kunnen nu tot € 25.000 per stuk krijgen, voor ideeën die ooit als ‘klein’ golden.
- De gemeente beslist welke straatplannen publiek geld krijgen, en welke bewonersplannen dus nul euro waard zijn.
- Met serieuze projectsubsidies voor vage ‘socialere wijken’ wordt het Inwonersfonds snel een duur wensenlijstje.
Geld voor de wijk
In Hengelo ligt er weer publiek geld klaar voor sociale plannen in de straat. Wie een idee heeft om zijn buurt socialer of sterker te maken, kan bij de gemeente aankloppen.
De gemeente opent opnieuw het Inwonersfonds, een bestaande subsidieregeling. Zo vloeit belastinggeld rechtstreeks naar projecten die de leefomgeving prettiger moeten maken.
Hoe werkt het Inwonersfonds?
Het fonds werkt met twee subsidiecategorieën voor inwonersinitiatieven. Kleinschalige plannen vallen in categorie 1 en krijgen minimaal € 2000 en maximaal € 7500.
Voor grotere plannen is er categorie 2, met bedragen tussen € 7501 en € 25.000. Daaronder vallen ook initiatieven die langer meegaan of een meer structureel karakter hebben.
Sociale basis met publiek geld
Volgens wethouder Marie-José Luttikholt draait de sociale basis om een sterke, betrokken gemeenschap. Zij zegt dat het Inwonersfonds inwoners helpt om zelf initiatieven te starten die hun wijk mooier en socialer maken.
De gemeente Hengelo presenteert het fonds als steun voor een stevige sociale basis. Het idee is dat publieke middelen zo terechtkomen bij activiteiten die buurtbewoners zelf organiseren.
Van idee naar subsidie aanvragen
Inwoners hoeven niet te wachten tot er een formele aanvraagronde voorbij komt. Ze kunnen nu al een checkgesprek aanvragen bij de gemeente om hun idee te bespreken.
In zo’n gesprek wordt bekeken of het plan past binnen de subsidieregels van het Inwonersfonds van de gemeente Hengelo. Daarmee beslist de gemeente welke bewonersplannen uiteindelijk met gemeenschapsgeld worden betaald.
