Vanaf 2026 gaat er 2,4 miljard euro minder naar gemeenten, terwijl zij samen 41 miljard aan reserves op de plank hebben. Lokale voorzieningen worden soberder of duurder, terwijl voor veel inwoners niet duidelijk is waarom er wordt gekort als er zoveel geld vaststaat.
In vogelvlucht
- Terwijl Den Haag 2,4 miljard kort, houden gemeenten samen 41 miljard aan reserves stil op de plank.
- Lokale voorzieningen worden soberder of duurder, terwijl gemeentekassen formeel nog flink gevuld zijn.
- Inwoners betalen meer voor minder, zonder helder zicht op waarom reserves ongemoeid blijven.
Een ravijnjaar voor gemeenten
Gemeenten moeten het vanaf 2026 met 2,4 miljard euro minder doen. De rijksoverheid bezuinigt dat bedrag op het gemeentefonds in wat de VNG zelf “een ravijnjaar” noemt.
Volgens de VNG komt 75 procent van de gemeenten hierdoor in de rode cijfers. De taken lopen gewoon door en lokale politici moeten straks uitleggen waar het geld is gebleven.
Grote reserves, toch rode cijfers
Gemeenten beschikken samen over 41 miljard euro aan reserves. Daarvan is 11 miljard euro vrije reserve die onder voorwaarden kan worden ingezet.
Toch waarschuwen gemeenten nu al voor gaten in de meerjarenbegroting. Rob Bouman vat het samen als “De balans is zoek”.
Strenger toezicht via Artikel 12
Provincies bereiden zich intussen voor op meer gemeenten met een Artikel 12-status. Dat is het regime waarin de rijksoverheid via de provincie strak meekijkt en extra eisen stelt bij tekorten.
Om dat te kunnen doen, kondigen provincies extra financieel toezicht aan. Zij zeggen “de vinger aan de pols te houden” bij gemeenten die hard geraakt worden door de korting.
Wie betaalt de rekening
De korting van 2,4 miljard euro komt uit Den Haag, maar de tekorten landen lokaal. Gemeenten moeten bezuinigen op voorzieningen of lasten verhogen, terwijl de rijksoverheid formeel de uitgaven bijstuurt.
De VNG wijst erop dat gemeenten tegelijkertijd meer taken kregen in de afgelopen jaren. Nu het geld daalt, schuift de rekening door naar burgers die lokaal minder terugzien voor hun belastinggeld.








