Er komt een landelijk vuurwerkverbod in Nederland, maar wat vrijwel volledig ontbreekt is een concreet prijskaartje voor de handhaving. Politie, gemeenten en inspectiediensten moeten extra controleren, plannen maken en uren inzetten, terwijl niemand officieel heeft berekend wat dat de belastingbetaler gaat kosten.
In vogelvlucht
- Voor de handhaving van het landelijk vuurwerkverbod bestaat nog geen officiële kostenraming.
- Politie, gemeenten en inspectiediensten moeten extra inzet leveren, maar doen dat volgens de plannen binnen bestaande capaciteit.
- De kosten van toezicht, extra uren en handhaving lijken daarmee buiten beeld te blijven.
Handhaving zonder prijskaartje
In de Kamerstukken over het landelijk vuurwerkverbod staat dat de handhaving wordt uitgevoerd door politie, gemeenten, de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) en buitengewoon opsporingsambtenaren. Daarbij wordt expliciet vermeld dat dit gebeurt vanuit de bestaande capaciteit, zonder dat er extra budgetten zijn gereserveerd.
In de toelichting bij het wetsvoorstel is geen bedrag opgenomen voor de extra inzet die nodig is om het verbod te handhaven. Ook wordt niet uitgewerkt hoeveel extra uren politie en gemeenten moeten maken. Dat blijkt uit de stukken bij Kamerstuk 35386.
Extra inzet wel verwacht
Tegelijkertijd erkent de regering dat de invoering van een algeheel verbod gevolgen heeft voor toezicht en handhaving. In de Kamerstukken staat dat uitvoeringstoetsen nog moeten uitwijzen wat dit betekent voor de inzet van politie en andere handhavingspartners.
Die uitvoeringstoetsen zijn nog niet openbaar gemaakt en bevatten geen concrete bedragen. Daarmee is er op dit moment geen inzicht in de structurele kosten die gepaard gaan met het handhaven van het verbod.
Gemeenten willen duidelijkheid
Gemeenten hebben aangegeven dat zij willen weten wat de uitvoering van het vuurwerkverbod van hen vraagt. Het gaat daarbij onder meer om inzet van boa’s, toezicht in wijken, communicatie en extra handhaving rond de jaarwisseling.
In berichtgeving wordt duidelijk dat gemeenten vrezen voor extra druk op hun handhavingscapaciteit, terwijl nog onduidelijk is hoe die inzet wordt gefinancierd. Dat komt onder meer naar voren in berichtgeving over het vuurwerkverbod.
Eenvoudiger handhaven is niet per se goedkoper
De politie heeft eerder aangegeven dat een landelijk verbod de regels eenvoudiger maakt, omdat er geen onderscheid meer hoeft te worden gemaakt tussen legaal en illegaal consumentenvuurwerk.
Eenvoudiger handhaven betekent echter niet automatisch dat er minder inzet nodig is. Tijdens de jaarwisseling blijft politiecapaciteit schaars en zijn er veel andere taken. Extra controles en toezicht kunnen daardoor juist leiden tot meer inzet, zonder dat daar een financiële onderbouwing bij is gegeven.
Online toezicht blijft buiten beeld
In de stukken wordt ook gewezen op toezicht op de online verkoop van vuurwerk. Dat toezicht ligt onder meer bij de ILT en vraagt specialistische capaciteit.
Ook voor dit onderdeel van de handhaving zijn geen aparte kostenramingen gepubliceerd. Hoeveel extra controles nodig zijn en wat die kosten, blijft daarmee onduidelijk.
De rekening blijft onzichtbaar
Vooralsnog is er geen totaalbeeld van de handhavingskosten van het landelijk vuurwerkverbod. Er zijn geen bedragen genoemd voor extra politie-uren, gemeentelijke inzet of toezicht door inspectiediensten.
De handhaving wordt gepresenteerd als iets dat binnen bestaande budgetten moet plaatsvinden. Daarmee verdwijnen de kosten uit beeld, terwijl de inzet wel degelijk moet worden geleverd. Wie die rekening uiteindelijk betaalt, blijft voorlopig onbeantwoord.







