Woningcorporaties zeggen tot 2034 ruim 110 miljard euro nodig te hebben, maar rekenen zelf op een tekort van 19,4 miljard. Toch blijven de plannen voor tienduizenden nieuwe huizen en miljoenen verbouwingen gewoon staan, waardoor de overheid op zoek moet naar extra geld.
In vogelvlucht
- Woningcorporaties zeggen tot 2034 110 miljard euro nodig te hebben, maar zien zelf al een gat van 19,4 miljard.
- Ondanks het verwachte tekort blijven de plannen voor tienduizenden nieuwbouwwoningen en miljoenen verbouwingen gewoon overeind.
- De overheid moet extra geld zoeken om deze ambitieuze bouw- en verbouwplannen van corporaties financieel rond te breien.
Gat van 19,4 miljard in de sociale huursector
Woningcorporaties gaan tot en met 2034 een tekort van 19,4 miljard euro tegemoet. Dat blijkt uit de eigen berekeningen die op de site van de Rijksoverheid worden toegelicht.
Tegelijkertijd hebben diezelfde corporaties afgesproken om tot 2034 in totaal 110 miljard euro te investeren. Met dat geld moeten zowel nieuwe huizen komen als bestaande woningen worden aangepakt.
Ambities op papier
Vanaf 2029 willen corporaties elk jaar 30.000 nieuwe sociale huurwoningen bouwen. Daarnaast moeten tot 2034 in totaal 1,1 miljoen woningen verduurzaamd worden.
Volgens de uitleg op rijksoverheid.nl zijn “maatregelen nodig om ervoor te zorgen dat woningcorporaties de ambities kunnen handhaven”. Zonder extra steun kunnen corporaties de afgesproken doelen simpelweg niet halen.
Stijgende kosten drukken de sector
De Rijksoverheid wijst hogere kosten voor onderhoud aan als belangrijke oorzaak van het tekort. Woningen opknappen kost dus meer, terwijl de plannen al vaststaan.
Ook de gestegen rente trekt de begroting scheef, staat op de nieuwspagina van de Rijksoverheid. Leningen worden duurder, waardoor er minder geld overblijft voor stenen en isolatie.
Rekening bij het nieuwe kabinet
In dezelfde publicatie schrijft de Rijksoverheid dat “het aan het nieuwe kabinet is om de investeringsruimte van corporaties op korte termijn te vergroten om de NPA te kunnen halen of andere maatregelen te nemen”. Met andere woorden, zonder extra ruimte wordt het afgesproken pakket simpelweg te groot voor de sector.
Het nieuwe kabinet moet dus beslissen hoeveel extra publiek geld richting de woningcorporaties gaat. Anders vallen bouwplannen en verduurzaming terug, terwijl de afspraken tot 2034 al zijn gemaakt.
Na 2034 blijft de druk bestaan
Zelfs als het lukt om de investeringsruimte nu op te rekken, is het probleem niet weg. Op rijksoverheid.nl staat dat “in alle gevallen ook voor de periode daarna, vanaf 2035, aandacht nodig is om het stelsel structureel financieel te verstevigen”.
De financiële druk op het systeem blijft dus ook na 2034 bestaan. Daarmee schuift elke beslissing van het nieuwe kabinet direct door naar de rekening van latere jaren.








