In vogelvlucht
- De provincie reserveert in 2026 € 4.599.000 publiek geld voor het opknappen van rijksmonumenten.
- Het geld gaat vooral naar niet-bewoonbare panden als molens, kerken en boerderijen.
- Particuliere eigenaren doen de subsidieaanvraag, maar de samenleving betaalt mee aan de restauraties.
Miljoenen voor monumenten
De provincie Noord-Holland zet in 2026 € 4.599.000 klaar voor restauratie van rijksmonumenten. Dat geld komt uit de provinciale kas en is dus publiek geld.
Het gaat om monumenten die niet als woonhuis zijn gebouwd. De provincie maakt zo een duidelijke keuze waar het restauratiegeld wel en niet naartoe gaat.
Molens, kerken en boerderijen aan het infuus
De subsidie is bedoeld voor gebouwen zoals molens, kerken en boerderijen. Het gaat om plekken die vaak beeldbepalend zijn, maar niet per se bewoonbaar.
Deze gebouwen lijken zonder steun van de provincie niet zomaar opgeknapt te worden. Met deze regeling wordt restaureren minder een kostenpost voor de eigenaar en meer een gezamenlijke rekening.
Wie mag er aankloppen bij de provincie
Eigenaren of beheerders van rijksmonumenten kunnen subsidie aanvragen. Daarbij maakt het uit of het monument formeel is aangewezen als rijksmonument.
Ook hier betaalt de belastingbetaler, terwijl de eigenaar de aanvraag doet. De samenleving financiert, de eigenaar beslist wat er met het geld op zijn monument gebeurt.
Strakke deadline voor subsidieaanvragen
De aanvraagperiode loopt van 29 april 2026 tot en met 1 juli 2026 om 17.00 uur. Daarna gaat de provinciale subsidieloketdeur dicht.
Wie mee wil delen in de € 4.599.000 moet dus op tijd zijn. De provincie Noord-Holland zet daarmee een harde grens op wanneer publiek geld nog is aan te vragen.
Subsidie dit jaar opvallend vroeger
De aanvraagperiode begint dit jaar een maand eerder dan in voorgaande jaren. De provincie schuift de timing bewust naar voren.
Dat betekent dat eigenaren en beheerders sneller in actie moeten komen dan ze gewend zijn. Wie nog op het oude ritme zit, kan dit jaar naast de restauratiepot grijpen.
