In vogelvlucht
- Zeeland krijgt 49 miljoen euro om de ruimtelijke schade van nieuwe kabels en stations te verzachten.
- Hetzelfde potje van 49 miljoen moet ook zorgen voor een zichtbare opknapbeurt van de leefomgeving.
- Daarnaast wordt verwacht dat dit ene bedrag tegelijk een boost geeft aan de Zeeuwse economie.
Compensatie voor wind op zee
Zeeland krijgt 49 miljoen euro compensatie voor windparken op zee. Dat geld komt via het Klimaatfonds en de Herstel- en Veerkracht Faciliteit van de Europese Commissie.
Het kabinet-Schoof stelt extra geld beschikbaar voor regio’s waar de stroom van zee aan land komt. Zeeland hoort bij die groep, omdat hier kabels en stations landen.
Lusten, lasten en de Zeeuwse kust
De aansluiting van windparken op zee heeft op land forse impact. Voor de benodigde infrastructuur is ruimte nodig, met zichtbare gevolgen voor de omgeving.
Volgens de provincie wordt Nederland hiermee welvarender, duurzamer en minder afhankelijk van andere landen. De rekening voor de aanpassingen aan de Zeeuwse leefomgeving gaat ondertussen via de belastingbetaler.
Projecten door de hele provincie
Provincie Zeeland heeft een plan gemaakt met concrete projecten voor deze investeringen. Daarmee moet het geld worden verdeeld over verschillende onderdelen in de hele provincie.
De projecten vallen binnen thema’s als behoud en versterken van natuur en verbeteren van de fysieke leefomgeving. Ook de regionale economie en het versnellen van de energietransitie horen bij de lijst.
Gebiedsfonds Veerse Meer als voorbeeld
Uit de eerste tranche in 2024 is het Gebiedsfonds Veerse Meer opgezet. Dit fonds moet laten zien hoe compensatiegeld een lokale kwaliteitsimpuls kan geven.
Het Gebiedsfonds Veerse Meer werkt samen met de gemeenten Goes, Noord-Beveland, Middelburg en Vlissingen. De regio moet hiermee aantrekkelijker worden voor bewoners en bezoekers.
Wie profiteert mee van wind op zee?
“Zeeland speelt een belangrijke rol in de energietransitie van Nederland,” zegt gedeputeerde energietransitie Johan Aalberts. Hij noemt het logisch dat de regio meeprofiteert en wijst op investeringen in leefbaarheid, economie en verdere verduurzaming.
Gedeputeerde ruimtelijke ordening Daniëlle de Clerck benadrukt dat de infrastructuur veel vraagt van ruimte en omgeving. Volgens haar moeten de compensatiemiddelen “zichtbaar bijdragen aan de kwaliteit van onze leefomgeving” zodat lusten en lasten beter in balans komen.
