De publieke omroep ligt al jaren onder een vergrootglas, vooral vanwege de kosten. Dit artikel laat zien hoe het NPO-budget is opgebouwd en hoe daarbuiten over dat budget wordt gedacht.
In vogelvlucht
- De NPO-begroting voor 2026 bedraagt € 1,187 miljard, grotendeels gefinancierd uit belastinggeld en aangevuld met reclame-inkomsten.
- Een groot deel van het budget gaat naar programmering, maar ook naar organisatie, digitalisering, reserves en omroepbrede fondsen.
- Ondanks het hoge budget en een verwacht overschot is het sentiment rond de NPO overwegend kritisch, met discussie over het systeem als geheel.
Omvang van de NPO-begroting
De publieke omroep ligt al jaren onder een vergrootglas, vooral vanwege het geld. Het sentiment rond het NPO-budget is inmiddels overwegend negatief. De totale begroting van de NPO voor 2026 bedraagt volgens de memorie van toelichting voor 2026 € 1,187 miljard. Dat geld wordt grotendeels opgebracht door belastingbetalers en aangevuld met reclame-inkomsten.
Het gaat om structurele uitgaven aan televisie, radio en online media. Jaarlijks vloeit bijna een miljard euro publiek geld naar de publieke omroep. Dat bedrag staat los van de waardering voor de inhoud. Toch is juist die combinatie onderwerp van groeiende kritiek.
Herkomst en verdeling van de middelen
Van het totale bedrag komt ongeveer € 1,008 miljard uit de rijksmediabijdrage van het ministerie van OCW, zoals beschreven in de begroting van OCW. Dit is belastinggeld dat rechtstreeks naar de landelijke publieke omroep gaat. Daarnaast wordt voor 2026 gerekend op ongeveer € 153 miljoen aan reclame-inkomsten via Ster, onder meer weergegeven in een analyse van Marketing Report. Ook eigen bijdragen en kleinere inkomsten tellen mee.
Samen vormen deze bronnen een stabiele financiële basis. De publieke omroep is daarmee nauwelijks afhankelijk van marktwerking.
Het grootste deel van het budget, € 863,7 miljoen, gaat naar media en programmering. Dit betreft televisie, radio en online aanbod. Daarnaast gaat € 116,8 miljoen naar organisatiekosten. De centrale NPO-organisatie zelf beschikt over € 198,3 miljoen. Deze bedragen zijn terug te vinden in de meerjarige media-overzichten.
Niet al het geld eindigt dus in programma’s. Een aanzienlijk deel wordt besteed aan organisatie en coördinatie.
Organisatie en programma’s
Onder organisatiekosten vallen personeel, management, huisvesting en ondersteuning. Deze kosten zijn grotendeels vast.
De centrale NPO-organisatie kost bijna € 200 miljoen per jaar. Dit bedrag verandert nauwelijks bij minder programma’s. Dat verklaart waarom besparingen vaak zichtbaar zijn in content. De organisatie blijft grotendeels intact.
Programmering blijft de grootste uitgavenpost. Honderden miljoenen euro’s gaan naar het maken van programma’s. Nieuws, sport en grote entertainmentformats zijn structureel het duurst. Ze vragen veel personeel, techniek en rechten. Juist binnen deze post wordt gesneden. Dat gebeurt terwijl het totaalbudget hoog blijft.
Digitalisering en minder zichtbare kosten
In 2026 gaat ongeveer € 29,5 miljoen naar NPO Plus en digitale distributie, zoals opgenomen in de mediaonderbouwing bij de OCW-begroting. Streaming en online platforms zijn vaste kosten geworden. ICT en techniek verdwijnen niet bij minder aanbod. Ook bij krimp blijft de infrastructuur nodig. Digitalisering zorgt daarmee niet automatisch voor lagere uitgaven. Het is een extra laag bovenop bestaande kosten.
De NPO betaalt daarnaast tientallen miljoenen euro’s aan rechten en licenties. Deze kosten zijn onzichtbaar in het uitzendschema. Ook gezamenlijke faciliteiten en externe inhuur drukken op het budget. Deze uitgaven lopen door.
Voor de kijker zijn dit abstracte posten. Toch vormen ze een substantieel deel van de kosten.
Fondsen, reserves en meerjarenbeeld
In 2026 is € 88,1 miljoen gereserveerd voor omroepbrede middelen. Dit geld wordt centraal verdeeld. Het gaat onder meer naar het NPO Fonds, levensbeschouwing en gezamenlijke projecten. Deze post staat als omroepbrede middelen in de media-begroting. Individuele omroepen hebben hier weinig invloed op.
Daarnaast is ongeveer € 8,7 miljoen bestemd voor CoBO, een fonds voor omroepproducties. Ook dit staat los van reguliere programmagelden. De Algemene Mediareserve groeit door naar rond de € 266 miljoen eind 2026. Dit is een financiële buffer binnen het mediabeleid. Slechts een klein deel wordt jaarlijks ingezet. Het grootste deel blijft onaangeroerd.
Voor 2026 verwacht de NPO een positief resultaat van circa € 32 miljoen, blijkt uit de ramingen. Er blijft dus geld over. Dat overschot staat los van het schrappen van programma’s. Bezuinigingen en een positief resultaat kunnen tegelijk bestaan. De keuzes hierover zijn bestuurlijk, niet direct financieel gedwongen. In 2025 bedroeg de totale begroting ongeveer € 1,109 miljard. In 2026 stijgt dit bedrag met ruim € 78 miljoen.
Vanaf 2027 laten de ramingen een daling zien naar circa € 996 miljoen. Tot die tijd blijft het budget hoog. Dat verklaart waarom er nu al wordt gesneden. Niet omdat het geld op is, maar vanwege toekomstige plannen.
Kosten per inwoner en Europees perspectief
Omgerekend kost de publieke omroep ongeveer € 65 tot € 70 per Nederlander per jaar. Dit volgt uit de totale media-uitgaven gedeeld door het aantal inwoners. Dit bedrag komt via belastingen en reclame.
In vergelijkingen binnen Europa worden de Nederlandse uitgaven vaak tot de hogere categorie gerekend. Dat is een bewuste politieke keuze. Die keuze staat steeds vaker ter discussie.
Publiek sentiment en kritiek
Het sentiment rond de publieke omroep is overwegend kritisch. Veel mensen ervaren het budget als verspilling van belastinggeld. KasLek analyseerde berichten op X en artikelen uit andere media. In reacties onder berichten van gebruikers als @moeva18, @bessedirkie en @Kuifjesdream klinkt boosheid, wantrouwen en frustratie door.
De kritiek richt zich niet op één programma. Het gaat om het systeem als geheel. Op X uiten gebruikers felle kritiek op salarissen, vermeende verspilling en politieke kleur. Veel berichten spreken over zelfverrijking en inefficiëntie. Anderen vragen zich af waarom belastinggeld hieraan wordt besteed.
Ook buiten sociale media klinkt stevige kritiek. In artikelen zoals een opinie op GeenStijl en stukken op sites als Het Nieuws Maar Dan Anders wordt gesproken over belangenverstrengeling en de vraag of bezuinigingen wel echt zijn als verliezen via extra reclame kunnen worden gecompenseerd.
Net als op X draait de kritiek om inefficiëntie en gebrek aan controle. Het sentiment is dat veel geld weinig oplevert.
Intussen kondigen omroepen concrete ingrepen aan. De consumentenrubriek Kassa stopt na 36 jaar, zoals gemeld door de NOS. Villamedia verzamelde een overzicht van meerdere programma’s die verdwijnen of worden ingekort vanwege de aangekondigde bezuinigingen bij de NPO, in een artikel over welke programma’s stoppen door de bezuinigingen.
Samenvatting van de kern
De publieke omroep kost in 2026 meer dan ooit tevoren. Ruim € 1,18 miljard gaat om in het systeem.
Tegelijk groeit het negatieve sentiment. Niet alleen over programma’s, maar over het hele financiële bouwwerk.
De discussie gaat zelden over het totaalplaatje. Juist daar zit de kern van het debat.
Bronnen
- Memorie van toelichting 2026 OWB XV
- Npo krijgt gevraagd recordbudget 1 miljard euro van ocw bezuinigingen per 2027
- Omroepen schrappen programma’s vanwege bezuinigingen kassa stopt na 36 jaar
- Omroepen maken bekend welke programma’s stoppen vanwege de bezuinigingen bij de npo
- Subsidieverdelers npo blijken volkomen corrupt
- Npo lacht de belastingbetaler uit bezuiniging is een wassen neus want ze mogen het verlies gewoon terugverdienen met meer reclame
- X moeva18 status 1848975068455448844
- X bessedirkie status 1999476314718511486
- X Kuifjesdream status 1883074493889048725
- X NRoelen status 1999898936304427301
- X ovcned status 1851681221820219395







