De overheid werkt aan een grote toekomst voor waterstof. Het lijkt modern en schoon en steeds meer partijen presenteren zich als koploper. Achter het verhaal zit een rekening die uiteindelijk bij gewone Nederlanders terechtkomt.
De overheid heeft een nieuwe droom: waterstof. Het klinkt modern en schoon en onmisbaar voor de toekomst. Ministers, provincies, netbeheerders en quangos verdringen zich om in het “groene koploper verhaal” te passen. Achter dat mooie plaatje zit iets waarmee beleidsmakers minder graag te koop lopen: de rekening. Niet die van projectontwikkelaars maar die van gewone Nederlanders.
In vogelvlucht
- Waterstof projecten draaien vooral op publiek geld.
- De sector bouwt op subsidies en netwerkuitgaven zonder bewezen markt.
- Burgers betalen mee via stijgende netwerkkosten.
- Regio s gebruiken Europese vlaggen om toegang te krijgen tot nieuwe geldstromen.
- De totale rekening is onduidelijk maar loopt in de miljarden.
Een industrie zonder markt maar met subsidies
Neem NortH2. Het paradepaardje van waterstof productie op zee. Een megaproject waar groene stroom van toekomstige windparken wordt omgezet in waterstof. Aan de tekentafel klinkt dat prachtig. Alleen die windparken bestaan nog niet de elektrolyse fabrieken bestaan nog niet en de infrastructuur om waterstof te distribueren bestaat ook nog niet. De kosten lopen nu al in de miljarden.
In een recente ronde van de regeling voor grootschalige elektrolyse kreeg een groep van elf waterstof projecten ruim 700 miljoen euro toegekend uit een subsidiepot van 978 miljoen euro die beschikbaar was via het Nationaal Groeifonds. De regeling wordt uitgevoerd door RVO en de toekenning is gepubliceerd op de website van Rijksoverheid. Zonder dit soort bedragen komt er geen kilo waterstof van de grond.
Ook regionale initiatieven liften mee. Het HEAVENN project kreeg ongeveer 20 miljoen euro publieke cofinanciering bovenop Europese bijdragen uit het FCH JU programma. De projectdocumenten zijn openbaar op het platform van het HEAVENN project. De EU vlag fungeert vooral als legitimatie om nieuwe geldstromen aan te trekken.
Daarnaast is er nog de Waterstof Roadmap voor Noord Nederland. In dit plan staat een investeringsagenda van ongeveer 9 miljard euro voor productie infrastructuur en gebruik. De documenten zijn te vinden bij GroenvermogenNL. Het gaat niet om bestaande vraag maar om de hoop dat die vraag later ontstaat. De markt beweegt pas als de overheid geld strooit.
Het verborgen prijskaartje netwerkkosten voor iedereen
Het grootste deel van de rekening zit in de energie infrastructuur. Waterstof klinkt licht maar vraagt veel ruimte. Nieuwe leidingen nieuwe verdeelstations aanlandingen aan de kust en vooral uitbreiding van het elektriciteitsnet. Gasunie werkt aan een landelijk waterstofnetwerk van ongeveer twaalfhonderd kilometer dat volgens hun planning rond 2030 operationeel moet zijn. Dit staat in de publieke stukken van Gasunie.
Die uitbreidingen worden betaald via de netwerktarieven de verplichte kosten op de energierekening. Netbeheerders zoals TenneT investeren miljarden in nieuwe kabels stations en conversiepunten. Zij publiceren dit in hun investeringsplannen op TenneT en via het overzicht van Netbeheerders Nederland. Huishoudens betalen mee aan infrastructuur die vooral wordt aangelegd voor industrie in het noorden en op de Noordzee.
Dit zijn stille miljarden zonder Kamerdebat die elke maand automatisch worden afgeschreven. Subsidies zijn zichtbaar maar de netwerkkosten zijn de echte sluippost.
Hydrogen Valley en HEAVENN geldstromen die niemand kan uitleggen
De Noordelijke Hydrogen Valley werd binnengehaald als Europese mijlpaal. Het project HEAVENN werd door de Europese Commissie aangemerkt als flagship binnen het FCH JU programma. De aanwijzing betekent vooral dat Brussel meebetaalt niet dat er echte vraag is. De documenten hierover vind je bij de Europese Commissie.
De financiering komt uit vele potjes Europese subsidies provinciale middelen middelen uit het Nationaal Programma Groningen en bijdragen van ministeries. Vooral het Nationaal Programma Groningen valt op omdat dit geld in de eerste plaats bedoeld is voor economie en leefbaarheid als reactie op de gevolgen van gaswinning. Informatie hierover staat bij NPG. Veel middelen gaan naar waterstof projecten die weinig te maken hebben met herstel. Critici noemen het “budget dat de regio verlaat voordat het de regio bereikt”.
Provinciale stukken laten zien dat Groningen lobbyde om waterstof als Europese prioriteit aangewezen te krijgen omdat dit toegang gaf tot nieuwe subsidie mogelijkheden. Zo ontstaat een luchtkasteel dat alleen blijft bestaan zolang er overheidsgeld in blijft stromen.
Geen echte markt wel garanties op publieke kosten
Waterstof wordt zelden gebruikt waar het technisch logisch is. Mobiliteit is duur huishoudens hebben er niets aan en industrie kan het alleen gebruiken met hoge kosten. Toch wordt er infrastructuur gebouwd alsof alle toepassingen al zeker zijn.
De industrie stapt pas over als de overheid ook operationele kosten subsidieert bijvoorbeeld via de regeling SDE die de onrendabele top vergoedt. Deze informatie staat bij RVO. Netbeheerders bouwen alvast leidingen in de hoop dat er vraag komt. Overheden garanderen risico s zodat bedrijve_







